top of page
Zoeken

Creativiteit en expressie binnen het sociaal‑agogische werkveld

  • Foto van schrijver: Karen Bonne
    Karen Bonne
  • 5 dagen geleden
  • 5 minuten om te lezen


Een persoonlijke reflectie


Wanneer ik terugkijk op het opleidingsonderdeel Creatieve Expressie, merk ik dat het mij meer heeft gegeven dan technieken of opdrachten. Het heeft iets in mij wakker gemaakt dat al lang aanwezig was, maar nooit echt benoemd werd. Ik heb altijd al wel gehouden van schrijven, altijd gevoeld dat muziek mij raakt, altijd ervaren dat beelden en beweging iets in mij losmaken. Maar ik kan nu wel nog beter begrijpen hoe belangrijk creativiteit is binnen sociaal‑agogische praktijken: omdat het mensen toegang geeft tot delen van zichzelf die via woorden alleen niet bereikbaar zijn.


De creatieve procestheorie van Wolff sluit daar naadloos bij aan. Wolff beschrijft creativiteit niet als een talent of een eindproduct, maar als een proces dat ontstaat wanneer mensen durven loslaten, durven zoeken, durven falen en opnieuw beginnen. Creativiteit is volgens hem een meanderend proces, geen rechte lijn. Dat herken ik sterk in mijn eigen ervaring. Tijdens de workshop Schrijf je vrij merkte ik dat de woorden soms aarzelend kwamen, dan weer in een vloedgolf. Soms voelde ik weerstand, soms opluchting. Soms moest ik huilen zonder precies te weten waarom. Dat is precies wat Wolff bedoelt: creativiteit is een innerlijke beweging die niet gestuurd wordt door logica, maar door beleving. En die beleving is essentieel in sociaal‑agogisch werk, waar cliënten vaak vastzitten in patronen die niet met redeneren doorbroken kunnen worden.



In het boek "Stress en burn-out voorkomen" beschrijft Anselm Grün hoe belangrijk het is om momenten van flow te ervaren. Hij verwijst naar de Hongaarse Psycholoog Mihaly Csikszentmihalyi, die flow omschrijft als een toestand waarin je volledig opgaat in wat je doet, alsof het leven even vanzelf stroomt. Dat gevoel herkende ik tijdens de creatieve schrijfopdrachten: het moment waarop ik niet meer nadacht over wat ik schreef, maar de woorden gewoon kwamen. Het moment waarop ik niet meer keek naar hoe iets eruitzag, maar voelde dat het klopte.

Flow is volgens Grün het tegenovergestelde van uitputting en blokkade. Het is een weg naar innerlijke rust, naar geluk zelfs. En precies dat heb ik ervaren: dat creativiteit een bron kan zijn die energie geeft in plaats van neemt.

Grün schrijft ook over de kracht van muziek, en dat herkende ik heel sterk. Hij zegt dat muziek alles wat verstard is in ons weer in beweging brengt. Dat muziek iets laat vibreren dat we soms vergeten zijn.

Tijdens de jazzvoorstelling, zag ik hoe de muzikanten met gesloten ogen speelden, volledig naar binnen gekeerd. De muziek, die toen nog geen muziek was, leek eerst door hun lichaam te reizen voor ze de lucht in mocht. Dat beeld bleef hangen omdat het precies toont wat muziek doet: het opent een innerlijke ruimte waar emoties vrij kunnen bewegen. Het begint van binnenuit. Soms zelfs zonder dat je begrijpt waarom je geraakt wordt. Dat is voor mij de essentie van creativiteit: dat het je raakt voorbij woorden.

In Kunstgeschiedenis voor Dummies vond ik iets terug dat perfect aansluit bij die ervaring. Kunstenaars proberen iets uit te drukken dat verder gaat dan gewone taal. Ze creëren een visueel vocabulaire dat mensen op hun eigen manier mogen interpreteren. Er is geen goed of fout, geen juiste lezing. Kunst is wat het is, en iedereen begrijpt het anders. Dat werkt bevrijdend. Het haalt de druk weg om iets te moeten “begrijpen”. Maar ook bij de kunstenaar valt die druk weg. Soms zit de betekenis in symboliek of metafoor, soms in een verhaal, en soms enkel in het gevoel dat je krijgt. Net zoals bij muziek: je hebt een vaag idee van wat het betekent, maar het gevoel is veel sterker dan de uitleg (als er al een uitleg zou zijn). Dat inzicht heeft mij geholpen om creativiteit niet langer te zien als iets dat beoordeeld moet worden, maar als iets dat beleefd mag worden.


Igor Byttebier beschrijft in Creativiteit: hoe? Zo! dat creativiteit vooral ontstaat wanneer je durft loslaten. Niet door harder te denken, maar door anders te kijken. Door te spelen, te experimenteren, te proberen zonder te weten waar je uitkomt. Ook dat sluit weer aan bij wat ik zelf ervoer tijdens de workshop. Pas wanneer ik mezelf toestond om te schrijven zonder oordeel, kwamen de woorden vanzelf. Pas wanneer ik niet probeerde te “presteren”, voelde ik dat er iets begon te stromen. Byttebier benadrukt dat creativiteit geen talent is, maar een houding. Een manier van aanwezig zijn. En dat is precies wat ik heb geleerd: dat creativiteit niet iets is wat je doet, maar iets wat je toelaat.


Wanneer ik nadenk over hoe ik creativiteit later in mijn doelgroep zou inzetten, merk ik dat ik daar geen pasklaar antwoord op heb. Ik wil niet doen alsof ik precies weet welke methodiek ik zou gebruiken of hoe ik mensen “creatief zou maken”, want zo werkt het niet volgens mij. Creativiteit is voor mij geen instrument dat je bovenhaalt wanneer het past, maar eerder een uitnodiging die je voorzichtig openlaat. Net zoals de docent heeft gedaan bij dit opleidingsonderdeel. Ik zou het kunnen inzetten als hulpmiddel om dieper te durven voelen, maar tegelijkertijd wil ik geen grenzen stellen. Ik zie het eerder als een uitnodiging, waarbij alles mag en alles kan.

Ik besef ook heel goed dat ik zelf niet onderbouwd ben in alle muzen. Als moderator kan ik wel leren begeleiden. Het zou dus beperkend zijn, dus ik heb eerlijk gezegd geen idee. Precies daarom wil ik eerlijk blijven: ik kan ruimte maken, ik kan aanwezig zijn, maar ik ben geen expert in elke kunstvorm. Als ik zou doen alsof, zou dat zowel mij als de mensen die ik begeleid vastzetten. Daarom wil ik creativiteit niet gebruiken als een strak afgelijnde methode, maar als een open veld waarin mensen zelf kunnen ontdekken wat voor hen werkt.

Misschien is dat schrijven, misschien muziek, misschien beweging, misschien nog iets helemaal anders... En misschien is het soms ook helemaal niets, en dat is ook goed. Wat ik vooral wil bieden, is een veilige plek waar mensen kunnen voelen zonder oordeel. Een plek waar experimenteren mag zonder dat het ergens naartoe moet. Een plek waar iets vanbinnen zachtjes kan beginnen bewegen, zonder dat ik bepaal hoe het eruit moet zien. Misschien is dat wel de essentie van creativiteit in sociaal‑agogisch werk: niet sturen, maar uitnodigen. Niet invullen, maar openlaten. Niet weten, maar aanwezig blijven. Net zoals deze opdracht binnen dit opleidingsonderdeel.

Wat ik hieruit meeneem, lijkt misschien eenvoudig maar is wel diepgaand: creativiteit opent deuren die anders gesloten blijven. Grün leert mij dat flow een weg is naar innerlijke rust. Kunstgeschiedenis voor Dummies leert mij dat kunst geen juiste betekenis nodig heeft om waardevol te zijn. Byttebier leert mij dat creativiteit begint bij durven loslaten. En mijn eigen ervaringen leren mij dat creativiteit niet alleen iets is wat ik doe, maar iets wat al in mij leeft en wat verder groeit en vorm krijgt, welke vorm dat ook is.


En precies daarom wil ik creativiteit zeker meenemen in mijn toekomstige werk.

Als een soort houding. Niet als techniek, maar wel een uitnodiging. Niet als een oplossing, maar als opening.

 
 
 
bottom of page